Leren door vragen: Uit dit boek - Corry B. Brauckman

Title
Ga naar de inhoud

De feestmaand tisjri (september/oktober).

Drie feesten worden in de maand tisjri gevierd: Het Joodse Nieuwjaar - Rosj Hasjana, ook wel Het Bazuinenfeest genoemd; Grote Verzoendag - Jom Kippoer en het Loofhuttenfeest met Het Slotfeest.

Het Joodse Nieuwjaar en Grote Verzoendag behoren tot de ‘hoge feestdagen’ en worden ook ‘de dagen van inkeer’ en de ‘ontzagwekkende dagen’ genoemd.

We willen stilstaan bij Grote Verzoendag.
Grote Verzoendag is de 10e dag van de ‘tien dagen van inkeer’.  
Waar mogelijk worden in deze tien dagen, in woorden en daden, gebroken relaties tussen mensen onderling hersteld. Op deze wijze wordt de liefde van de Here God in praktijk gebracht; in liefde voor de naaste.
Op Grote Verzoendag gaat het in het bijzonder om herstel van de relatie tussen de Here God en de mens.

Meer dan een speciale band
Vrienden hebben een band met elkaar. Ouders hebben - als het goed is - een speciale band met hun kinderen. Toch denkt menig kind, tiener en volwassene: Ik zie het niet (meer) zitten! Alles is zinloos en het leven is doelloos!
Meer dan een speciale band wil de Here God, heel persoonlijk, met ieder mens. Hij wil een liefdevolle relatie, ook met u (jou)! Met dit doel heeft Hij de mens geschapen.

Is de Here God dan geen God? En ziet Hij het vele kwaad dat mensen doen dan niet? Zeer zeker wel. Overal op aarde ziet Hij liefdeloze mensen, die elkaar pijn en verdriet doen en verwonden. Soms zelfs zo dat men lichamelijk en/of innerlijk ziek wordt of sterft. Hij hoort leugens; ziet hebzucht, stelen, bedrog, seksueel wangedrag, onrecht, machtsmisbruik, dictatuur, geweld, moorden, etc.
De Here God is geen onbewogen God. Elk kwaad doet Hem enorm veel pijn, want Hij heeft een Hart (Genesis 6:6b). Anderzijds kan Hij als Heilig en Rechtvaardig God het kwaad niet aanzien noch door de vingers zien. Niettemin vraagt Hij op Grote Verzoendag ‘de volledige aandacht’ voor vergeving en verzoening, die Hij aanreikt.

De zin en doel van het leven
Wie, op welke dag ook, met spijt (berouw) voor verkeerd, slecht of kwaad gedrag (zondig gedrag) naar de Here God gaat, ontvangt vergeving. Niettemin is verkeerd, slecht of kwaad gedrag gelijk aan snelgroeiend onkruid en aan stenen, waar men over struikelt. Deze stenen gaan een muur (blokkade) vormen tussen de Here God en betrokkene. De persoonlijke band, de relatie met de Here God wordt verstoord en gaat op den duur kapot. Maar…, dát laat de Here God niet zomaar gebeuren!
Op Grote Verzoendag vraagt Hij ‘de volledige aandacht’ voor dit snelgroeiend onkruid en deze stenen. Eveneens vraagt Hij de volledige aandacht voor het uitspreken tegenover Hem van oprecht berouw (schuldbelijdenis). En als laatste vraagt Hij de volledige aandacht voor de vergeving en de verzoening, die Hij schenkt. Maar dan moet men wel oprecht spijt hebben en het onkruid en de stenen met Zijn hulp ‘willen’ verwijderen.
Verzoening met de Here God laat de zin en doel van het leven zien: een open, persoonlijke en liefdevolle  relatie met Hem, Schepper van hemel en aarde. Hij houdt van u (jou)! Ofwel: een leven als wonderlijk avontuur met Hem.
Niet vergeten mag worden: als de Here God vergeeft, komt Hij er nóóit meer op terug. Zijn vergeving en verzoening zijn als het ware meer dan ‘een zoen!’

De grootste Zegen
Grote Verzoendag is bestemd is voor het Joodse volk. Toch sluit de Here God niemand uit. Aan Abraham, Isaak en Jakob, de aartsvaders (stamvaders) van het volk Israël beloofde Hij: “Met u zullen ‘alle volken’ van de aarde gezegend worden” (Genesis 12:3; 22:18b; 26:4b; 28:14b). De Messias, de eniggeboren Zoon van de Here God, is de grootste Zegen.

Niet zonder bloed
In de tijd van de Tabernakel en de eerste en de tweede Tempel, een periode van ongeveer 1500 jaar, had vergeving en verzoening plaats op grond van offers. Geen offers van mensen, want dat is een gruwel in Gods Ogen.
Gezonde, onschuldige dieren werden geofferd. Het bloed (leven) van deze dieren was nodig voor vergeving en verzoening. Alleen…, het bloed van offerdieren op het altaar kon de schuldige daden (zonden) van mensen wel bedekken, zodat de Here God ze niet meer zag, maar niet wegnemen of reinigen (Psalm 32:1). Zó had de Here God het bepaald.

De eniggeboren Zoon van de Here God is van Goddelijke oorsprong. Toch nam Hij naar het lichaam een menselijke natuur aan. Als zodanig is Hij familie (stamt Hij af) van koning David (Micha 5:1, Lucas 1:32). Zijn Goddelijke en menselijke natuur zijn verenigd in één Persoon. Vanuit de Bijbel kunnen wij Hem leren kennen. Zijn Naam is Jehosjua (Jezus) en betekent: ‘Hij Die redt’ (Matteüs 1:21).
Al die offers…! Al het onschuldige bloed van dieren…! Gedurende ongeveer 1500 jaar…! Ze wezen vooruit naar het ene Offer van ‘het Lam van God’, de Here Jezus (Johannes 1:29). Hij werd geslacht (Jesaja 53:7) op het kruis van Golgotha. Dáár droeg Hij - onder helse, lichamelijke, innerlijke en geestelijke pijnen - de schuldige daden (zonden) van ‘alle mensen’. Hij droeg de daden in Zijn Lichaam de dood en het graf in. Jaarlijks gedenken christenen over heel de wereld dit gebeuren op Goede Vrijdag.

De dood kon Hem, de zondeloze Zoon van de Here God, Die de zonden van de wereld had weggedragen, niet houden. Op de 3e dag stond Hij op uit de dood. De Here Jezus leeft! Zijn Bloed, gestort op het altaar Golgotha, reinigt van alle zonden (1 Johannes 1:7). Maar dan moeten we Hem onze schuldige daden (zonden) wel eerlijk vertellen (1 Johannes 1:9). Wie dit doet, het kan op elk uur van de dag of nacht, mag weten: de Here God heeft mij vergeven door het Offer van de Here Jezus. Ik ben met de Here God verzoend! De Here Jezus gaf Zijn Bloed (Leven) ook voor mij! Hij houdt van mij. Hij wil met mij een open, persoonlijke en liefdevolle relatie! (1 korintiërs 1:9) Een eeuwige band…!

Terug naar de inhoud