Iedere maand een nieuwe quiz - Corry B. Brauckman

Title
Ga naar de inhoud

Iedere maand een nieuwe quiz,
want liefde voor en kennis van Gods Woord zijn belangrijk (Hosea 6:6)
    
Toets uw/jouw Bijbelkennis

De quiz voor juli 2019:

Deze maand willen we stilstaan bij de Heilige Geest

Maak uit de vragen uw/jouw keuze:

1. In de Bijbel wordt in het eerste Bijbelboek,
    het Bijbelboek Genesis, in het eerste hoofdstuk
    gesproken over 'de Geest van God.' In welk vers?
   a. Vers 1
   b. Vers 2
   c. Vers 3

2. Wie ontving(en) in het Oude Testament de
    Heilige Geest?
a. Niemand
b. Gelovige Joden
c. Alleen mensen, die een speciale taak te
    verrichten hadden in dienst van de Here God.
    Bijvoorbeeld profeten, oudsten en koningen

3. De Here Jezus zegt, dat de wereld
    de Heilige Geest, de Geest van de waarheid,
    niet kan ontvangen, want zij ziet en kent Hem
    niet (Johannes 14:17). Betekent dit dat
    de Heilige Geest niet werkzaam is in de wereld?
    a. Ja, de Heilige Geest is alleen werkzaam in de gelovigen
    b. Nee, de Heilige Geest overtuigt de wereld van liefde
    c. Nee, de Heilige Geest overtuigt de wereld van zonde, gerechtigheid en oordeel

4. Wie de Heilige Geest ontvangt (Romeinen 8:23a) - Hij is een Persoon - ontvangt Hem niet tot ‘eigen’ eer   
    en glorie, maar tot verheerlijking van de Here Jezus (Johannes 16:14). Wat is het ‘eerste’ werk van de
    Heilige Geest in hem/haar, die de Here Jezus als Verlosser en Redder heeft aangenomen?
    a. De Wedergeboorte
    b. Het schenken van vergeving; 'alle' zonden worden vergeven
    c. Het schenken van een rein en heilig leven

Opmerkingen over de Heilige Geest en de wedergeboorte

Direct na de bekering tot de Here Jezus ontvangen we de Heilige Geest als ‘eerste’ gave (Romeinen 8:23). Wedergeboorte is het ‘eerste’ werk van de Heilige Geest.
Bij het spreken van belangrijke dingen, begon de Here Jezus vaak met het woord ‘voorwaar’. Tot Nikodemus - hij was Farizeeër, schriftgeleerde en had later mede zorggedragen voor de begrafenis van de Here Jezus - sprak de Here Jezus: ‘Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien’ (Johannes 3:3). Met andere woorden: wedergeboorte is noodzakelijk.
De Here Jezus sprak vervolgens tot Nikodemus: ‘Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk Gods niet binnengaan’ (Johannes 3:5). Wedergeboorte is dus uit water en Geest.
‘Water’ reinigt en doet leven!
‘Geest’, de Heilige Geest, doet leven (Johannes 6:63), doet wederom geboren worden. Wedergeboorte is een ‘geestelijke’ geboorte, een Goddelijke geboorte, een geboren worden uit de Here God! (1 Johannes 5:1)
We weten ook: wedergeboorte ontstaat wanneer het onvergankelijke zaad - het eeuwige en onvergankelijke Woord van de Here God - gezaaid in het hart van de mens, wordt bevrucht door de Heilige Geest (1 Petrus 1:23).
Begrijpen we nu alles van de wedergeboorte…? Nee…! Wedergeboorte is een geheim werk van de Heilige Geest. We kunnen het niet naspeuren. Vandaar dat de Here Jezus tot Nikodemus sprak: ‘De wind blaast,           
waarheen hij wil. U hoort zijn geluid, maar u weet niet, vanwaar hij komt en waar hij heengaat. Zó is een ieder, die uit de Geest geboren is’ (Johannes 3:8). (Geest is in het Hebreeuw ‘ruach’ en betekent: adem, wind.)

Eigendom maken
Direct na onze bekering tot de Here Jezus doet de Heilige Geest ons door onze wedergeboorte het eigendom zijn van de Here God. Niet als een slaaf, maar als ‘kind van God’ (Johannes 1:12 en 13).
Een kind zegt tegen zijn vader geen ‘meneer’ of ‘heer’, maar ‘papa!’ Evenzo mag een kind van God tegen de Here God zeggen: ‘Abba! Vader!’ (Romeinen 8:15) ‘Vader’ is de kroon van de Naam van de Here God.
Kind zijn van de Here God…?! Dit is het doel en de zin van de Here God met uw (jouw) leven! U (jij) bent geboren om een kind - zoon of dochter - van de Here God te zijn, voor eeuwig…! Beter, mooier en rijker kan het toch niet…?!

Antwoorden: 1 = b (Genesis 1:2), 2 = c (Numeri 11:17 en 25, 1 Samuël 16:13),
                       3 = c (Johannes 16:8-11), 4 = a (Johannes 3:3, 5 en 6).


Terug naar de inhoud