Iedere maand een nieuwe quiz - Corry B. Brauckman

Title
Ga naar de inhoud

Iedere maand een nieuwe quiz,
want liefde voor en kennis van Gods Woord zijn belangrijk (Hosea 6:6)
    
Toets uw/jouw Bijbelkennis

De quiz voor november 2019:



Iedere maand een nieuwe quiz,
want Liefde voor en kennis van Gods Woord zijn belangrijk (Hosea 6:6)

Toets uw/jouw Bijbelkennis

De quiz voor november 2019

Niemand betaalt met plezier belasting. De quiz van deze maand heeft enkele vragen over de in de Bijbel genoemde personen, die voor de bezetters de belasting inden en daardoor werden veracht.

Maak uit de vragen uw/jouw keuze:

1. In de tijd dat de Here Jezus in Israël leefde, woonde
   en werkte was Israël een vazalstaat van het grote
   Romeinse rijk en belastingplichtig aan Rome. Welke
   Romeinse keizer (caesar) regeerde in de laatste
   drie jaren van Zijn leven op aarde?
a. Keizer Augustus
b. Keizer Tiberius
c. Keizer Claudius

2. De Here Jezus sprak ook over het betalen van belasting aan de Romeinen; de onderdrukkers van het
    volk Israël. Hoe waren Zijn woorden?
a. Betaal geen belasting meer aan de keizer
b. Betaal meer dan nodig is als belasting aan de keizer
c. Betaal uw belasting aan de keizer

3. De Bijbel noemt de Joden die voor de Romeinen belasting inden ‘tollenaars’. Zij waren veracht in
    de ogen van hun Joodse landgenoten en soms gehaat door hun afpersingen. Hoe is de naam van de
    tollenaar tegen wie de Here Jezus sprak: ‘volg Mij’?
a. Levi
b. Zacheüs
c. Andreas

4. Welke woorden sprak de Here Jezus tegen een rijke en nieuwsgierige oppertollenaar (hoofd van de
    tollenaars), die in een boom klom om Hem te zien?
a. Kom vlug naar beneden en laat u arresteren
b. Zondig niet meer; wees eerlijk
c. Kom vlug naar beneden, want Ik moet in uw huis zijn

5. Hoe reageerde deze tollenaar op de woorden, die de Here Jezus tot hem sprak?
a. Hij klom uit de boom en ontving de Here Jezus met blijdschap
b. Hij klom uit de boom en zette het op een lopen
c. Hij bleef zitten waar hij zat en begon Hem te bespotten

Enkele opmerkingen:
Het veracht worden of zijn in de ogen van mensen! De Here Jezus kent de pijn van het veracht zijn; Hij werd ook veracht (Jesaja 53:3). Zelf veracht Hij niemand. Ieder mens is voor Hem waardevol. Tot groot onbegrip van de theologische leiders van die tijd - Farizeeën en schriftgeleerden - gebruikte Hij bij tollenaars en zondaars de maaltijd (Lucas 5:30; 15:2). Er werd over Hem gepraat, als ‘vriend van tollenaars en zondaars’ (Matteüs 11:19b).

De Here Jezus! Hij is de Zoon van God en de Zoon van de mensen; de Gekruisigde - Hij leed en stierf voor onze zonde - en opgestane Heer. Hij Leeft! Zijn Koninkrijk - het Koninkrijk van de hemelen (Matteüs 4:17) - wil Hij voor niemand sluiten. Toch vraagt Hij nooit: ‘Wilt u, wil jij, in de hemel komen?’ Wel vraagt Hij: ‘Mag ik bij u/jou binnenkomen en maaltijd met u/jou houden?’ Ofwel: Mag Ik door Mijn Geest in uw/jouw hart - het centrum van uw/jouw bestaan - komen wonen? Mijn Geest zal u/jou dan de weg leren, die u/jij gaan moet (Johannes 16:13-15).
Wat is uw/jouw antwoord op deze vraag?

Antwoorden:
1 = b (Keizer Tiberius; hij regeerde van 14 - 37),
2 = c (Matteüs 22:21), 3 = a (Marcus 2:14),
4 = c (Lucas 19:5); 5 = a (Lucas 19:6).

Terug naar de inhoud