Christelijke feesten: Uit dit boek - Corry B. Brauckman

Title
Ga naar de inhoud
Het feest van ‘De Onnozele kinderen’
Het Kerstfeest wordt gevolgd door het feest van ‘de Onnozele kinderen’

Het kerstoctaaf
Het feest van Drie koningen wordt op 6 januari gevierd en het feest van de Onnozele kinderen op 28 december. Moet dit niet andersom? Eerst het feest van Drie koningen en dan het feest van de Onnozele kinderen? Toch niet, de Rooms-katholieke kerk kent ‘het kerstoctaaf’.
Het Griekse woord ‘katholikos’ betekent ‘algemeen’ of ‘universeel’. Letterlijk is de Katholieke kerk de ‘Algemene of Universele kerk’. Het begrip ‘Rooms-katholiek’ is ontstaan aan het begin van de zestiende eeuw, bij de Reformatie. Het woord ‘rooms’ duidt op de stad Rome. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ‘de kerk van Rome’ en het protestantisme.
Het kerstoctaaf is een liturgische periode, die op kerstavond begint en wordt afgesloten op de avond van 1 januari. De eerste dag onder het kerstoctaaf, 25 december, is het Kerstfeest. De tweede dag, 26 december, wordt Stefanus herdacht (Handelingen 7:54-60). De derde dag, 27 december, wordt Johannes de Doper herdacht (Matteüs 14:1-12). De vierde dag, 28 december, worden de onnozele kinderen van Betlehem herdacht.
Wanneer het feest van de Onnozele kinderen precies is ingesteld, is niet bekend. Men gaat ervan uit dat dit omstreeks het jaar 485 plaatshad. Ofwel: omstreeks deze tijd werden de onschuldig vermoorde Joodse jongetjes van Betlehem kerkelijk als ‘de eerste martelaren’ voor de Here Jezus gezien.

Het feest van de Onnozele kinderen
Een droom
De wijzen uit het oosten waren vertrokken. Dezelfde nacht of kort daarna droomde niet moeder Maria, maar pleegvader Jozef. De Here God had hem immers het recht gegeven ‘pleegvader’ van Zijn Zoon, het Kindje Jezus, te zijn (Matteüs l:20 en 21).
De Here God legde Zijn hand op Jozefs droom. Zie…! Een engel…! Een engel van de Here God verscheen hem in een droom. Jozef hoorde de engel zeggen: ‘Sta op, neem het Kind en Zijn moeder en vlucht naar Egypte. Blijf daar, totdat Ik het u zeg; want Herodes (de Grote) zal alles in het werk stellen om het Kind om te brengen.’

Vluchteling! Vreemdeling!
‘Vlucht!’ Dat betekent: het Kind is in doodsgevaar! Maar ook: spanning…, onderweg zijn…, dagen en mogelijk weken lang…, maar ook zonder bron van inkomsten zijn... En toch, hoewel zij arm waren, was er voor het Kindje Jezus en henzelf voedsel, onderdak en wat verder nodig was. De Here God had ‘van te voren’ voorzien door middel van de vorstelijke geschenken van de wijzen uit het oosten.  
‘Vlucht naar Egypte’, had de engel gezegd. Vluchten is erg, in het bijzonder voor kinderen. Het Kindje Jezus werd vluchteling! Hiermee ging Hij onder andere de weg van de aartsvaders Abra(ha)m en Jakob (Genesis 12:10 en hoofdstuk 46) en de zonen van Jakob, de stamvaders van Israël (Genesis 42:1-44:34; 47:1). Ook zij vluchtten naar Egypte, weliswaar om de hongersnood. Met andere woorden: de vlucht van de Here Jezus naar Egypte wees terug naar gebeurtenissen uit het verleden, opdat Hij één zou zijn met Zijn volk en vele anderen. Eveneens wijst Zijn vlucht naar de toekomst, onder meer naar de ‘grote verdrukking’ die komen zal. Een verdrukking zoals nooit is geweest en daarna nooit meer zal komen (Matteüs 24:16-22, Openbaring 12:6, 13 en 14). Ontelbaar velen zullen dan trachten te vluchten… Zijn vlucht wijst ook naar het heden. De vluchtelingen! De vreemdelingen! De Here Jezus begrijpt hen…! Hij is vluchteling en vreemdeling geweest in het land Egypte.
                                                           
Wakker geworden, gehoorzaamde Jozef onmiddellijk. Hoewel het nacht was, stond hij op. De Bijbel zegt: ‘Hij nam het Kind en zijn moeder en week uit naar Egypte.’
De zorg van pleegvader Jozef ging eerst uit naar het Kindje Jezus en vervolgens naar moeder Maria. En bij u (jou)? Is dit in uw (jouw) leven ook zo? Eerst de Here Jezus en dan de ander? Vanzelfsprekend, de ander ook! Onze naaste(n) mag niet vergeten worden, maar eerst de Here Jezus!
                                                                         
Koning Herodes (de Grote)
Inmiddels was koning Herodes duidelijk geworden: ik ben misleid…! Hij had tot de wijzen uit het oosten gesproken:  ‘…opdat ook ik Hem hulde ga bewijzen’ (Matteüs 2:8b). Dit waren misleidende woorden geweest. Hij had wel gesproken over ‘hulde’, maar was totaal iets anders van plan.
Zodra de koning bemerkte dat de rollen waren omgekeerd en híj door de wijzen uit het oosten was misleid - ze waren langs een andere weg naar hun land gegaan - ontstak hij in hevige woede. Maar hij wist raad! Hij wist niet wáár, in welk huis, de Koning der Joden Zich bevond. Maar hij had uit de woorden van de wijzen uit het oosten wel kunnen afleiden, dat het Kind twee jaar oud of daar onder moest zijn. En dan gebeurt zoals een engel tot pleegvader Jozef in een droom had gezegd: ‘Herodes zal alles in het werk stellen om het Kind om te brengen.’ Want dát deed koning Herodes!
In zijn hevige woede dacht koning Herodes: ik dood hen allen! Ik laat alle kinderen in Betlehem en omgeving doden. Ik kan het! Ik heb er de macht toe! De Koning der Joden wordt dan eveneens gedood. Weg met Hem!

De kindermoord van Betlehem
Koning Herodes gaf bevel ‘om in Betlehem en het gehele gebied daarvan al de jongens van twee jaar oud en daar beneden om te brengen.’ Romeinse soldaten gehoorzaamden. Kleine weerloze Joodse jongetjes werden door hen gedood, vermoord…! Vaders, moeders of wie dan ook, die de kleine, weerloze kinderen wilden beschermen, werden ruw door de soldaten terzijde geduwd. Hun kind moest dood, uit de weg…!
Hoewel we ons er wel een voorstelling van kunnen maken, zijn de smartelijke taferelen die zich in Betlehem en omgeving afspeelden, toch moeilijk te beschrijven.
In de velden van Betlehem had door een hemelse legermacht van engelen een hemels loflied geklonken. Nu klonk in Betlehem en omgeving het smartelijk geschrei van ontroostbare ouders, familieleden en bekenden; hun kinderen waren door de soldaten van Herodes gedood, vermoord…!
De profetie uit Jeremia 31:15 - waar Rachel als klaagmoeder van Israël symbool staat voor de moeders van Betlehem en omgeving - vond in dit gebeuren een vervulling. De moeders waren ontroostbaar en weigerden zich te laten troosten, omdat haar kinderen niet meer zijn. En toch begreep niemand hun verdriet, smart en de gebrokenheid van hun hart beter dan de levende God. Al ons lijden passeert eerst Zijn hart (Jesaja 63:9).   

Het aantal inwoners van Betlehem en omgeving in die dagen? De meningen zijn niet eensluidend. Zo ook over het aantal jongetjes van twee jaar oud en daar beneden, die werden vermoord.
De kinderen van Betlehem en omgeving mogen niet worden vergeten. Zij zijn de eerste martelaren voor de Here Jezus. Hun leven werd geëist door koning Herodes. Maar uiteindelijk mislukte zijn satanische plan. Achter koning Herodes zien wij Gods tegenstander staan, satan. Hij wil het werk van de Here God totaal vernietigen. Hij zaait dood, verderf en vernietiging (Johannes 10:10), terwijl het Kindje Jezus redt van de eeuwige dood. Volwassen geworden gaf Hij Zijn leven in lijden en dood om leven te schenken, dat niet kapot kan: eeuwig leven!  
Voor de kinderen van Betlehem en omgeving, de eerste martelaren voor de Here Jezus, opende zich de hemelpoort… Zij werden door de engelen gedragen naar hun eeuwig Thuis bij God de Vader (Lucas 16:22, Prediker 12:7b).
Ook voor deze jonge martelaren moest het Kindje Jezus vluchten. Hij wilde (ook) aan hen eeuwig leven, in eeuwige heerlijkheid en glorie kunnen schenken.
(Naar Matteüs 2:13-18)

Reageren? Zie contact

Terug naar de inhoud